Would you like some service with that?

Service in China is a double-edged sword. On the one hand, things are possible here that are totally unacceptable in the Netherlands. On the other hand, things are impossible here that are generally accepted in the Netherlands.

Pro’s:

  1. Calling a waiter or waitress – Admittedly, this is not as common anymore as before. The rise of Western-style restaurants also brings with it the usual struggles to attract someone’s attention. But there are still plenty of establishments where you will hear a “FUWUYUANR” regularly in between all the other conversations. I highly prefer it to side-eyeing, cheerleader-waving or raising-your-hand-up-as-if-you-know the answer motions.
  2. Making a mess – Whether it is yourself or the table, it is almost always accepted without any comments. Bones, fish grates, shells are all nasty and troublesome, but at least you can easily get them out of your sight by just dispensing them on the floor. Provided your hand-eye coordination is reasonable and you do not accidentally hit yourself.
  3. Free refills – I remember that there was still a discussion in the Netherlands if you could get free tap water. Also, if you order a cup of tea in most restaurants or coffee tents, you will have to pay the full price again for a second cup of steaming water in which you will use your first teabag. Not so in China. In most places you can refill water and tea endlessly until you feel uncomfortable about having had more free than paid drinks throughout your stay.
  4. Your living room from home – Unless it is really crowded, you can generally lounge the entire afternoon in one spot. Order one drink and refer to the point above to make sure you are hydrated throughout your stay. Most waiters will only approach you to refill your glass, or ignore you. They are also very skilled in doing that.

Cons:

  1. Service without a smile – Some jobs can be very boring or mind-numbing. And you can see it right of their faces. People will serve you with as less interest in you or their job as possible. Not looking at you, doing only the bare minimum and certainly without a smile. In that way, many Chinese do look alike.
  2. Working is optional – I remember that for most of my jobs in the Netherlands, there are quite strict rules about when to use your phone. Not so much in China. Whether there are any clients or not, whether chatting or watching a drama, everyone is certainly not focusing on you.
  3. Inefficiency – I already mentioned that there are often a lot of people working anywhere and a large part of them are doing nothing. It is a bit similar to my instructions for working at a Chinese Japanese restaurant. Also, when a question is asked, they will be sure to not do anything directly but for example inquire if you are sure that you want what you asked for.
  4. Passivity – The customer is king is still sometimes the case in China. But that also means that any (illegal) smokers, irritating children, drunken men or screeching women will be accepted and not reprimanded. Jumping in front of you in the line? Pushing you in or out the subway? Being polite or not? It is all accepted as part of life.

Fan van flexibiliteit

Sinds ik in China zit, zijn er twee dingen zeker flexibeler: Mijn lichaam en mijn geest. Ik ben regelmatig aan het sporten, omdat ik regelmatig ongezond eet en dat moet compenseren. Een zekere flexibiliteit van geest ontwikkel je vanzelf als je een (langere) tijd in het buitenland woont of in een andere cultuur probeert te integreren.

Nu heb ik over sporten in China al eerder geschreven, en dan met name het verschil in de methodes die ze hier hanteren. Nu is het aan de ene kant zo dat je niet echt tijd hebt om aan iets anders dan pijn te denken als er een perfect, slank doch gespierd vrouwelijk lichaam het jouwe plat ligt te drukken voor 10 onmetelijk lange secondes. Aan de andere kant bekruipt me op zulke momenten toch wel degelijk het gevoel ‘waar doe ik dit eigenlijk voor?’

Toen ik nog niet zo lenig was, maakte dat me niet ongelukkig. De Chinezen staan in Nederland toch minder bekend om hun lenigheid dan om hun zogenaamde Chinese eten. Nu ik omringd ben door daadwerkelijk Chinees eten en een hoop ontzettend lenige Chinezen, is er ergens wel een drang om erbij te horen.

Ik grapte in Nederland wel vaker dat ik een van de stijfste Aziaten was die je kon ontmoeten. Nu ik eenmaal in China mezelf letterlijk in allerlei bochten wring, is dat gelukkig niet altijd meer het geval. Tijdens de lessen zijn we ook niet heel functioneel bezig. De situaties waarin het voor mij nodig zal zijn om een split, spagaat, of brug te maken zullen (hopelijk) zeer beperkt zijn. Op weg naar werk zie ik wel regelmatig enkele oudere (65+) mannetjes hun benen in spagaat over de brug strekken. Dat is echter niet een houding die ik direct van plan ben te imiteren.

En tegenover de slanke, lenige dames waarmee ik mij met enige regelmaat omring, staan ook de steeds grotere aantallen echt brede gevallen die in geen enkele bocht meer te persen zijn. Voorlopig pas ik ook nog niet in een koffer, maar de mogelijkheid toch meer delen van mezelf aan te raken geeft ook een grote vrijheid.

Li’s Lievelingswoorden: Even kijken

Kijken doe je met je ogen. Althans, dat kreeg ik altijd te horen toen ik klein was. Niet dat ik ernaar luisterde natuurlijk. Ook op latere leeftijd ging ik nog vaak tegen mijn opvoeding in. Sommige vrienden werden gek van mijn rondneuzen tussen spullen waarbij alles aangeraakt en bevraagd werd.

Nu ik in China zit, heb ik ook meer dan genoeg te kijken. En ja, de Chinezen doen dat ook een stuk meer met hun handen, het zit in de natuur! Iedereen leest hier boeken uit in de boekwinkel (ze gaan er echt voor zitten) en zelfs bordjes met ‘niet aanraken’ worden routineus genegeerd. Een droomland wat dat betreft voor mij. Komt bij dat ik me onlangs realiseerde dat het Chinese karakter voor kijken geïnterpreteerd kan worden als een hand en oog gecombineerd. Klopt vast niet helemaal, maar wel een leuk idee.

Als we echter nog wat verdergaan, is het helemaal niet zo dat je kijken per se fysiek hoeft te doen. En daarmee komen we bij deze uitspraak: “Even kijken”. Net zoals alle fijne stopwoorden zijn deze ook multifunctioneel. Volgt er een komma, drie puntjes, of een ander stopwoordje (“hoor”)?

Zo blijkt maar weer dat we ook niet noodzakelijk met onze ogen kijken. De helft van de tijd dat iemand iets vraagt (wat we gaan eten, weekendplannen, boeken die ik nu aan het lezen ben, wanneer ik voor het laatst heb opgeruimd) kan ik heel goed mijn antwoord beginnen met “even kijken” en gewoon in het niets staren. Of juist mijn oog of beide ogen sluiten om een blik in mijn hersenen te werpen waar toch de meeste kennis is die ik bezit.

Dus ja, kijken doe ik het liefste met mijn handen of mijn hersenen. Komt misschien ook doordat ik een bril draag, dat mijn ogen pas op de derde plaats komen.

Samenwerking tussen hoofd en gevoel

Eigenlijk zouden ze het ondertussen wel onder de knie moeten hebben. Zo’n hoofd dat zegt: Dit gaan we doen!’ En een geruststellend gevoel dat dan gelijk meegaat en ‘Ja!’ zegt. Of als ja aanvoelt dan. Maar zo gemakkelijk is dat toch niet, samenwerken met jezelf. En dan kun je 30 keer per minuut ademhalen (want dat ontspant), dingen opschrijven in hanepoten (en vervolgens gefrustreerd raken over je eigen handschrift) of jezelf stevig toespreken (klinkt toch niet zo heel erg overtuigend).

In China wonen helpt eigenlijk niet erg bij dit proces. Veel Aziaten en ook de Chinezen excelleren juist in de scheiding tussen hoofd en gevoel. Daarom kunnen mensen zich in het weekend naar kantoor slepen als een vakantie gecompenseerd moet worden; staan ze toe dat ouders in het park naar de huwelijksmarkt gaan om hen aan een partner te helpen; kopen ze een hele winkel (of een heel vliegtuig) leeg om hun omgeving tevreden te stellen.

Nu rijst natuurlijk de vraag, in hoeverre is dit een probleem? Hoeveel kun je hier als buitenlander, de mindfullness tientallen jaren opzuigend, mee omgaan? Of wie weet, zelfs van leren?

Wat dat betreft is het een vrij paradoxale omgeving, waar wij hoofd en gevoel liefst zoveel mogelijk scheiden professioneel, maar combineren privé, draaien de Chinezen het precies om. Zo kan het zomaar zijn dat een Chinees van baan verwisselt vanwege baas of collega’s, maar braaf iedere keer met Chinees Nieuwjaar naar huis blijft gaan, ook al weet zij/hij wat voor spervuur aan vragen, eisen en ruzies dat meestal oplevert.

Waarom verschillen dit soort zaken altijd per cultuur en per persoon? Kijk ik naar mijn kat, dan is het leven gemakkelijk. Hoofd en gevoel werken niet alleen samen, maar lijken gewoon één. In dezelfde woorden te vangen. ‘Mens ik heb honger.’ ‘Waarom geef je mij geen eten?’ ‘Ben je nu pas thuis?’ ‘Ik ga op je springen alsof je een springkussen bent.’ ‘Het is tijd om te doen alsof mijn staart niet aan mij vast zit.’

Zeker ook iets voor te zeggen, dus ik hanteer voortaan in China kattengedrag. Op likken en brokjes moet ik nog wat oefenen. Op dat hoofd en gevoel ook wel trouwens.

Daar wordt een mens blij van

Natuurlijk specifiek een mens genaamd Li-Anne. Met het nieuwe jaar net begonnen, uiteraard vol goede moed, is het niet verkeerd een soort februari-evaluatiemoment in te richten. Zeker voordat de Valentijnsdagpromoties weer keihard beginnen en ik op iedere hoek van de straat geconfronteerd wordt met kaarten, chocola en cadeaus die ik aan niemand stuur en van niemand krijg. Behalve mijn ouders natuurlijk. Of nee, laat maar. Daar heb ik ook al 5 jaar geen Valentijnskaart meer van gekregen.

Maar er zijn ook dingen op te noemen, zeker in China, waar ik wel blij van wordt. Zoals:

  1. Hotpot
  2. Japans eten
  3. Jianbing
  4. Baozi
  5. Peking eend
  6. Bubble tea
  7. Caramel latté (met extra suiker want ik ben geen koffiedrinker)
  8. Mala Xiangguo
  9. KFC Old Beijing Wrap
  10. Chinese thee (die je tot het oneindige kunt bijvullen, JA!)

Oh, je wilde dingen weten die niet met eten te maken hebben? Zeg dat dan!

  1. Frisse lucht (nu al bijna 3 weken lang met Chinees Nieuwjaar. Adem in, adem uit)
  2. Fietsen in de frisse lucht (ik blijf toch een ((nep))Nederlander)
  3. Rondlopen in de hutongs (voor een zeldzaam moment van rust)
  4. Met mijn kat series/films kijken (voor een zeldzaam moment van rust)
  5. Mensen over de vloer hebben net nadat ik heb schoongemaakt (waarna dat laatste weer opnieuw kan beginnen)
  6. 1,5 uur lunchpauze hebben (want in China eet ik praktisch altijd 3 keer per dag warm, JA!)
  7. Chinezen die ongeacht de gelegenheid, plaats en tijd altijd eten meenemen
  8. Met gezelschap in een koffietentje hangen en in hard Nederlands op alles commentaar geven
  9. Doen alsof ik Chinees ben en ook zo worden behandeld
  10. Eindeloos in bed liggen, rollen, zitten, werken en eten omdat ik een tweepersoonsbed voor mij en mijn kat alleen heb.

En het is bijna weekend. Dat wordt pas echt genieten!